Kledingproject Den Hoorn

Tuinder Van Marrewijk

De gemeente Midden-Delfland versterkt haar identiteit onder meer door de promotie van het gebruik van historische kledij tijdens bijzondere plaatselijke activiteiten. In Maasland ligt het accent op de Middeleeuwen, de periode van de Duitse Orde, in Schipluiden staat de tijd van Otto van Egmond (de zestiende eeuw) centraal.

In Den Hoorn is de periode rond 1900 gekozen, omdat de tuinbouw zich hier toen sterk ging ontwikkelen. Oude foto’s laten zien dat er in die tijd nog een groot verschil was tussen werk- en vrijetijdskleding. Hier en daar is nog iets van klederdracht zichtbaar. Kinderen droegen dezelfde kleding – alleen vele maten kleiner – dan de ouders. Hoofddeksels werden nog veelvuldig gebruikt. Klompen werden vrijwel door iedereen gedragen. Het uitgangspunt voor het kledingproject in Den Hoorn is Gijsbertus van Marrewijk (1853-1934), een ondernemende tuinder die ook opviel door zijn bestuurskwaliteiten. Hij was medeoprichter van de eerste veiling in Den Hoorn, secretaris van de Delftsche Groentenveiling, gemeenteraadslid van Hof van Delft, kerkbestuurder, oprichter van de plaatselijke brandverzekering en bestuurslid van de woningbouwvereniging. Door zijn kasboeken (1882-1929) weten we precies wat hij op zijn tuin teelde. Het verhaal van zijn leven zal in 2012 uitgebreid worden gepromoot door de Historische Vereniging Oud-Schipluiden.

Hadrianuslaan in Den Hoorn

door Jacques Moerman

Een aantal weken geleden keurde de gemeente Midden-Delfland
de naam Hadrianuslaan goed. Vorige week stonden in De Schakel de eerste
bouwaanvragen voor woningen aan deze nieuwe weg, die parallel loopt aan de noordzijde
van het eerste deel van de Woudselaan in Den Hoorn. Wat is de herkomst van de
naam Hadrianuslaan?

Munt met de beeltenis van keizer Hadrianus (117-138).

In de jaren zestig van de vorige eeuw raapte de schrijver van dit artikeltje op een stuk bouwland langs de Woudselaan scherven op uit de eerste eeuwen van onze jaartelling (de Romeinse tijd). In de jaren tachtig vond er een noodopgraving in de buurt plaats, waarbij een boerderijerf uit de tweede eeuw na Christus werd blootgelegd. Bij die gelegenheid werden ook de eerste Romeinse munten aangetroffen, waaronder een munt met de beeltenis van keizer Hadrianus (117-138).

In de afgelopen jaren zijn er – vooruitlopend op de bouw van woningen en bedrijven in de Harnaschpolder – verschillende grote opgravingen in het gebied geweest. Hierbij zijn meerdere boerderijen uit de Romeinse tijd blootgelegd. Het bleek te gaan om woonplaatsen van  Cananefaten. Zij waren sterk beïnvloed door de Romeinen, die vanaf het jaar 70 in het huidige Voorburg een hoofdplaats bezaten. Deze vestiging werd in de periode 120-121 na Christus
bezocht door keizer Hadrianus, die op doorreis was naar Brittannia (Engeland). Bij die gelegenheid verleende hij de plaats stadsrechten en stimuleerde hij de ontwikkeling ervan. Vanaf dat moment kreeg de nieuwe stad de naam Forum Hadriani. Op het hoogtepunt telde zij zo’n 1000 inwoners. De stedelingen konden alleen overleven dankzij de aanwezigheid van een groot agrarisch achterland, dat zich uitstrekte tot het huidige gebied van Den Hoorn. Een groot deel van de bestaande Harnaschpolder en het oostelijk deel van de Woudse Polder is toen systematisch
ontgonnen. Er zijn slotenpatronen ontdekt die teruggaan op het Romeinse maatsysteem van de gulden snede. Recentelijk is in Sion een Romeinse landweg opgegraven, die het boerderijengebied verbond met de Romeinse rijksweg, die van Naaldwijk (de Maasmond) naar Forum Hadriani (Voorburg) liep. Langs deze hoofdweg zijn op meerdere plaatsen Romeinse mijlpalen (een soort ANWB-borden) aangetroffen. Het vondstmateriaal in de Harnaschpolder maakt duidelijk dat de
bewoners hier volop hebben geprofiteerd van de Romeinse aanwezigheid in de omgeving. Zij ruilden voedsel voor luxevoorwerpen, zoals glas, sieraden, aardewerk en metalen gereedschap. Sommige boerderijen kregen een omgang, een porticus, die afgeleid was van Romeinse bouwwerken. De Cananefaten gingen, net zoals de Romeinen, hun doden cremeren. De vondst van Romeinse munten bewijst dat er ook sprake was van een geldcultuur. De komst van keizer Hadrianus in dit gebied moet de bloei van het agrarische achterland van Forum Hadriani hebben gestimuleerd. De Romeinse munten met zijn beeltenis getuigen hiervan. Niet zonder reden is
zijn naam verbonden met een nieuwe weg in het Harnaschgebied. Toen de Romeinen
omstreeks het jaar 270 Forum Hadriani verlieten, vertrokken ook de meeste boeren uit deze omgeving.

Hopelijk volgen er in de nieuwe bouwzone langs de Woudselaan meer namen die verwijzen naar belangrijke perioden uit de geschiedenis van dit oude cultuurgebied. Wie meer wil lezen over de Romeinse aanwezigheid in de regio en andere archeologische perioden uit de geschiedenis van Midden-Delfland wordt verwezen naar het Historisch Jaarboek Schipluiden 2010. Het is voor €
20,- te koop in Museum Het Tramstation te Schipluiden (open op woensdag- en
zaterdagmiddag van 14.00-16.00 uur). Het boek is een kleurrijk en boeiend Sinterklaascadeau!

Den Hoorn en het water, over bruggen, windassen en secreten

Op donderdag 7 april 2011 vanaf 20.00 uur houden Henk Groenendaal, Hans Koot en Jacques Moerman in de Hoornbloem, Koningin Julianaplein 1 te Den Hoorn, een lezing over Den Hoorn en het water, over bruggen, windassen en secreten.

Het dorp Den Hoorn is altijd georiënteerd geweest op het water. Vanaf de Middeleeuwen waren de gegraven vaarten belangrijk voor het vervoer. Bruggen verhoogden de bereikbaarheid van Voor-Dijkshoorn naar Achter-Dijkshoorn en van de Noordhoorn naar de Zuidhoorn. De huidige woningbouw in de Harnaschpolder brengt de komst van nieuwe waterovergangen met zich mee.

Windassen of overhalen op de kaden hielpen vervoerders in het verleden om van het ene water in het andere te komen. In het centrum van Den Hoorn heeft tot het begin van de zeventiende eeuw een grote windas gelegen. Recent is een houten overhaal opgegraven langs de Zweth.

Gedurende eeuwen werden sloten en vaarten ook gebruikt voor het dumpen van afval, waaronder fecaliën. Tot in de jaren zestig van de vorige eeuw had vrijwel elke tuinder op zijn tuin een secreet of privaat boven de sloot. In het dorp zelf kwam pas aan het eind van de jaren twintig riolering.

De drie sprekers hebben speciaal onderzoek verricht naar de onderwerpen van de lezing. Zij zorgen gezamenlijk voor een afwisselend verhaal, dat rijk geïllustreerd wordt met beeldmateriaal.

Mededelingen:

  • De succesvolle expositie ’t Gemak dient de mens, de geschiedenis van het latrinair gebeuren wordt verlengd tot 28 mei. Daarna volgt een tentoonstelling over Otto van Egmond.
  • Eind april wordt de uitgave van onze nieuwe jaarboek verwacht, met onder meer artikelen van de sprekers op het jubileumsymposium. Het wordt dikker en kostbaarder dan vorig jaar. Daarom:
  • Herinnering contributiebetaling: Vrienden (donateurs): € 15,-, leden: € 25,-.Girorekening 4149717 (Postbank), 358261546 (Rabobank Zuid-Holland Midden).